Continuous Auditing: The Audit of the Future

De hoofdtaak van een accountant is het toevoegen van zekerheid voor de gebruiker aan informatie die door een onderneming wordt opgeleverd. Dit gebeurt door eventuele fouten in die informatie te ontdekken en daarover te rapporteren. Afhankelijk van de omvang van een onderneming is het wettelijk verplicht om deze taak bij de controle van een jaarrekening uit te voeren. Maar waarom kan dit maar een keer per jaar en niet op continue basis? Betrouwbare up to date informatie is toch relevanter dan betrouwbare informatie over een jaar geleden? Ziedaar de toekomst van het accountantsberoep: Continuous Auditing. Hiermee voegt de accountant zekerheid toe aan informatie, wanneer en over welke periode dit maar gewenst is.

In een tijd van economische teruggang zijn investeerders en financiers op zoek naar zekerheid over hun investeringen en leningen. De ondernemingsleiding moet zich daarom vaker verantwoorden tegenover deze stakeholders. Maar als leiding van een onderneming is betrouwbare informatie ook onontbeerlijk om prestaties te kunnen meten en processen te kunnen bijsturen. Voor beide categorieën van informatievoorziening verrijkt Continuous Auditing de informatiewaarde, waardoor risico’s in verantwoording en bijsturing worden verkleind.

Continuous auditing vertoont op een aantal aspecten een forse wijziging ten opzicht van traditionele auditing. David Y. Chan en Miklos Vasarhelyi hebben dit in een onderzoek in 2011 inzichtelijk gemaakt onder de titel “Innovation and practice of continuous auditing”. De essentiële aspecten geef ik hier weer.

  • Frequentie; Van een audit verdeeld over interimcontrole en jaareindecontrole gaan we over op een continue audit. Op elk moment moet tenslotte een oordeel beschikbaar zijn over de betrouwbaarheid van de door de onderneming gegenereerde informatie.
  • Controleaanpak; In plaats van reactief te bezien wat er wel en niet is terecht gekomen van de informatievoorziening bij de onderneming, wordt nu een proactieve controleaanpak van de accountant verwacht. Hierdoor kan hij garanderen dat alle benodigde informatie beschikbaar en controleerbaar is op het moment dat zekerheid wordt gevraagd.
  • Steunen op interne beheersing; De processen in een onderneming vinden steeds meer geautomatiseerd plaats. Dit geeft de accountant de kans om van deze automatisering gebruik te maken en aan de betrouwbare werking van het systeem zekerheid te ontlenen. Handmatige controles gaan vervallen en door slimme tools (zoals Embedded Audit Modules) wordt waar nodig continue de werking van de beheersing van processen gemeten.
  • Werk en rol van de accountant; Continuous Auditing vraagt om een andere werkwijze van de accountant. Het besteden van veel kostbare uren aan de uitvoering van handmatige controlewerkzaamheden wordt vervangen door oordeelsvorming over de geautomatiseerde interne beheersing en de uitzonderingen die gedetecteerd worden. De zogenaamde ‘audit by exception’ krijgt dan echt inhoud. Eigenlijk wordt de accountant de externe toezichthouder op het interne monitoring systeem bij de onderneming.
  • Aard, timing en inhoud; In plaats van handmatige functiescheidingen testen, worden voortaan informatiestromen geanalyseerd. Hiermee kunnen het vaststellen van het aloude ‘bestaan’ en de ‘werking’ van interne beheersingsmaatregelen gelijktijdig worden uitgevoerd. Tevens worden deelwaarnemingen op een klein gedeelte van alle transacties in een onderneming vervangen door data-analyse van de gehele datapopulatie in een onderneming.
  • Analysemogelijkheden; Om grip te krijgen op de informatiestromen in een organisatie moesten voorheen menselijke gedragingen worden geanalyseerd. Bij Continuous Auditing is dit in veel mindere mate nodig en kan worden gesteund op de controle op datastromen, waardoor continuous monitoring en continuous auditing gaan samenvallen.
  • Rapportage; Een jaarrekening krijgt eindelijk het stempel dat het verdient: historisch verantwoordingsdocument. De accountant gaat in het continuous auditing tijdperk zekerheid verstrekken wanneer dat gewenst is. En over de periode die gewenst is, of dat nu op dag-, week-, maand- of jaarbasis is.

Op welke termijn gaan deze wijzigingen zich voordoen? Wat ons betreft op de kortst mogelijke termijn. Sterker nog, wij spannen ons in om Continuous Auditing zowel wetenschappelijk als in de praktijk vorm te geven. Waarom? Omdat wij voor ons vak gaan; het toevoegen van zekerheid aan informatie. Continue.

Accountants en advies: onmogelijke combinatie?

In AccountancyNieuws 8 van 22 april 2011 stond een artikel van Johan Visser over de adviesomzet van accountants, die maar niet boven de 10% uit wil komen, ondanks dat vrijwel elke accountantsorganisatie al jaren roept dat ze dit wel wil. Al lezende en daarover wat nadenkend begon ik me af te vragen of de accountancy in het algemeen wel de geschikte medewerkers heeft om echt substantieel meer adviesomzet te gaan genereren. De accountancy is altijd gericht geweest op het werken met feiten, zaken die over het algemeen al hebben plaatsgevonden. Ondernemer zijn en, daaraan gerelateerd, het adviseren van ondernemers bij het ondernemen (dus meer dan wat nu al wordt gedaan voor bijv. fiscaliteiten, pensioenen, e.d.) gaat juist over het creëren van die feiten.

Overigens vond ik het wel leuk dat in dit artikel ook werd genoemd, dat accountants hun ‘gewone’ werk niet moeten onderschatten. De meeste ondernemers worden toch wel erg zenuwachtig van onjuiste cijfers. Een toenemende prijsdruk wil niet zeggen dat het werk of de kwaliteit niet van belang is!

In het genoemde artikel werd ook al genoemd, dat verdere advisering vaak over de toekomst zal gaan, dus veel onzekerheid kent. Het gangbare werk van een accountant is juist het verstrekken van zekerheid. Ik vraag me af of dit wel bij elkaar past in één persoon. Het eerste vraagt om creatieve mensen, die buiten de gangbare wegen (ofwel: out-of-the-box) kunnen denken en vooral dingen niet blijven doen, omdat ‘we het al jaren zo doen’. Het tweede vraagt juist mensen, die gestructureerd blijven doen wat ze altijd deden en alleen afwijken als daar een goed gefundeerde aanleiding toe is. Het tweede vraagt ook om mensen, die goed om kunnen gaan met een veelheid aan regels (en voor hun werkplezier: er ook geen hekel aan hebben).

Uiteraard moeten accountants ook na blijven denken hoe ze hun werk zo efficiënt en effectief mogelijk blijven doen en niet alleen maar werkprogramma’s afvinken. En adviseurs moeten niet alleen mooie dingen bedenken met en voor klanten, maar diezelfde klant ook kunnen helpen bij de uitvoering. Feit is wel dat bij het een de creatieve kant de hoofdrol speelt, terwijl bij het ander het gestructureerd uitvoeren de hoofdrol speelt.

De grote vraag is of de accountancy niet jarenlang het ene type medewerkers heeft aangetrokken, waarvan nu wordt verwacht dat ze het andere soort omzet gaan genereren. Medewerkers die altijd zijn opgeleid voor en bezig zijn geweest met het verstrekken van zekerheid en die nu moeten gaan adviseren over allerlei onzekere dingen, wat zij zelf én hun collega’s meestal erg eng vinden en waar ze zelf onzeker van worden.

En het feit dat veel ondernemers de ‘administratieve rompslomp’ aan accountants uitbesteden (ondanks dat ze die vaak te duur vinden), omdat ze zelf liever ondernemen, is ook veelzeggend.

Om mee te eindigen nog enkele kritische vragen: heeft de accountancy de juiste medewerkers om de adviesrol aan te kunnen? En krijgen die medewerkers de vrijheid om deze adviesrol te kunnen vervullen? En worden ze daarbij voor de uitvoering ondersteund door een goed functionerende back-office? Deze zaken zijn essentieel om echt meer adviesomzet te gaan genereren!

De business case van de accountant

In de vakliteratuur van accountants wordt regelmatig aangegeven dat ‘naast de klant gaan staan’ leidt tot een meer tevreden klant. Dit zou dan inhouden dat klanttevredenheid met audit werkzaamheden moeilijk te realiseren is, maar dat accountantskantoren meer moeten adviseren aan hun klanten om de tevredenheid te verhogen. Ook in de discussie rondom splitsing tussen advies- en audit activiteiten bij klanten komt nogal eens in de discussie naar voren dat bij de keuze voor alleen audit een belangrijke kans voor een tevreden klant wegvalt.

Vanuit deze gedachte dringen zich de vragen op wat we moeten verstaan onder het begrip klanttevredenheid, welke determinanten daarvan te onderkennen zijn en wat de relatie is tussen klanttevredenheid en non-audit fees. Onlangs ben ik afgestudeerd aan Business Universiteit Nyenrode waarvoor ik onderzoek heb uitgevoerd om inzicht te krijgen in de antwoorden op deze vragen. Daarmee heb ik meer duidelijkheid willen scheppen over de wijze waarop de klanttevredenheid met betrekking tot accountantskantoren bij MKB-ondernemingen in Nederland kan worden beïnvloed.

Mijn onderzoek is gebaseerd op de volgende onderzoeksvragen:

  • Welke determinanten met betrekking tot klanttevredenheid in accountancy kunnen we onderscheiden?
  • Wat is de relatie tussen non-audit services en klanttevredenheid?
  • In welke mate is sprake van een positief verband tussen non-audit services en klanttevredenheid?

Na uiteraard de opbouw van een gedegen theoretische basis is het onderzoek uitgevoerd onder 1.500 MKB-ondernemingen in Nederland. Het typische MKB-karakter is hierin geborgd door alleen bedrijven in het onderzoek op te nemen die geen dochteronderneming zijn van een buitenlandse vennootschap, geen ondernemingen in de financiële sector, alleen B.V.’s en N.V.’s en maximaal € 250 miljoen omzet per jaar.

In het onderstaande worden de antwoorden op de onderzoeksvragen en de belangrijkste bevindingen kort toegelicht.

Welke determinanten met betrekking tot klanttevredenheid in accountancy kunnen we onderscheiden?

Op basis van literatuuronderzoek kan worden gesteld dat klanttevredenheid op twee verschillende manieren kan worden ingedeeld, naar kwaliteitsaspecten en naar benefits. Als kwaliteitsaspecten van de accountantsdienstverlening in dit onderzoek zijn Reliability, Assurance, Responsiveness en Empathy gedetecteerd, waaraan vervolgens meetpunten voor onderzoek zijn gekoppeld. Deze aspecten zijn als volgt te duiden:

  • Reliability  –  Vermogen om toegezegde diensten betrouwbaar en accuraat uit te voeren
  • Assurance  -  Kennis en voorkomendheid en het vermogen om vertrouwen en betrouwbaarheid over te brengen
  • Responsiveness  -  Bereidheid om klanten te helpen en direct diensten aan te bieden
  • Empathy  -  Zorg en individuele aandacht die de werknemers aan hun klanten geven

Het geheel van kwaliteitsaspecten is in dit onderzoek geplaatst in het raamwerk van de beleving van de klant. Deze beleving wordt gesplitst in core benefits (daadwerkelijke dienstverlening) en relational benefits (manier waarop dienstverlening wordt volbracht). In de onderzoeksresultaten worden de diverse aspecten van dienstverlening in het model bevestigd, waarmee dit model ook te hanteren is voor toekomstig onderzoek. De algemene analyse vanuit het model is dat Reliability-aspect van deskundigheid van de accountant veruit het grootste deel van de klanttevredenheid bepaalt.

Onderzoeksmodel klanttevredenheid

 

Bovenstaand onderzoeksmodel laat zien dat de klanttevredenheid wordt bepaald door zowel core benefits als relational benefits. Een precieze koppeling tussen de weergegeven kwaliteitsaspecten en de benefits is niet te geven, maar wel wordt duidelijk dat in de glijdende schaal reliability en assurance meer onderdeel van de daadwerkelijke dienstverlening zijn en dat empathy en responsiveness meer betrekking hebben op de manier waarop de klant wordt bediend. De weergegeven termen buiten de benefits-ring geven de aspecten weer aan de waarvan in mijn onderzoek de kwaliteitsaspecten zijn gemeten.

Wat is de relatie tussen non-audit services en klanttevredenheid?

Vanuit het theoretisch onderzoek was de verwachting dat het verlenen van non-audit services door de accountant zou leiden tot een hogere klanttevredenheid. Bij non-audit services heeft de accountant namelijk de mogelijkheid om de relational benefits, waaronder de vriendschappelijke relatie met de klant en intensiteit van het contact, beter vorm te geven. De accountant is in de adviesdienstverlening niet gebonden aan onafhankelijkheidsregels, wat bij auditwerkzaamheden wel zo is. Verder heeft een uit te voeren jaarrekeningcontrole een meer verplichtend karakter vanuit wet- en regelgeving dan adviesdienstverlening. En ook de inhoud van de adviesdienst is veel minder gereguleerd dan audit dienstverlening, getuige alleen al NV COS richtlijnen.

In welke mate is sprake van een positief verband tussen non-audit services en klanttevredenheid?

Vanuit de enquêtes die zijn afgenomen bij de MKB-ondernemingen blijkt dat de tevredenheid toeneemt als er zowel relatief als in absolute bedragen gezien meer non-audit dienstverlening aan de klant plaatsvindt. Ditzelfde verband is zichtbaar als de adviesdienstverlening wordt afgezet tegen de standaarddienstverlening door accountants, oftewel het samenstellen en controleren van jaarrekeningen. Statistisch gezien zijn deze verbanden echter niet als significant aan te merken, waardoor het niet gerechtvaardigd is om te stellen dat meer non-audit services leiden tot een grotere mate van klanttevredenheid. Oorzaken hiervan zouden kunnen zijn dat de verwachtingen van de klant met betrekking tot relational benefits bij audit dienstverlening lager zijn dan bij non-audit dienstverlening, de ervaren relational benefits bij non-audit dienstverlening minder zijn dan verwacht of de gedeclareerde audit fees ook gedeeltelijk betrekking hebben op de adviesfunctie van de accountant.

Opvallende bevindingen

Vanuit de diverse analyses in het onderzoek kunnen enkele opvallende punten worden gesignaleerd. Zo is een teamwisseling niet per definitie negatief voor een klant. Als de klant een teamwisseling als kwaliteitsverbetering beleeft, heeft dit zelfs een positief significante invloed op zijn gehele tevredenheid over de accountant.

Wat betreft tevredenheid is er onderscheid gemaakt naar ondernemingen die de jaarrekening laten controleren en degene die de jaarrekening laten samenstellen. Voor de (kleinere) ondernemingen die de jaarrekening laten samenstellen is de relatie met de accountant en de prijsstelling van de reguliere dienstverlening van belang in het bepalen van de tevredenheid. Bij de (grotere) ondernemingen die de jaarrekening laten controleren zijn in de dienstverlening de flexibiliteit in planning van de accountant, een goede teamwisseling en weinig discussie over de declaratie de factoren die meer van invloed zijn op de tevredenheid. Bij beide soorten klanten is echter de deskundigheid van de accountant het meest van belang voor de klanttevredenheid. Genoemde factoren kunnen in de strategiebepaling en ontwikkeling van dienstverlening door accountantskantoren een rol van betekenis vervullen. Daarbij is aandacht vereist voor een onderscheiden aanpak in dienstverlening door de accountant bij de kleinere en grotere ondernemingen.

Vermeldenswaardig detail is nog dat klanten gemiddeld genomen minder tevreden zijn bij een Big-4 kantoor dan bij een non big-4 kantoor. Van de ondernemingen die de controle laten uitvoeren door een Big-4 kantoor is 11% minder tevreden bij een Big-4 kantoor dan bij een non Big-4 kantoor. De eerlijkheid gebied te zeggen dat als ik bij een Big-4 kantoor had gewerkt, deze opmerking waarschijnlijk achterwege was gebleven in deze samenvatting…

Conclusie

Dit onderzoek is gestart met de vraag wat nu doorslaggevend is in de relatie tussen klant en accountant en of het verlenen van adviesdiensten de tevredenheid verhoogt. Uit dit onderzoek blijkt dat het ‘naast de klant staan’ om de tevredenheid te verhogen niet op voorhand betekent dat er meer geadviseerd zal moeten worden door accountants. Het verband dat meer adviesdiensten leiden tot een hogere klanttevredenheid is namelijk niet significant gebleken. Klanttevredenheid is het verschil tussen verwachting en werkelijkheid op het gebied van zowel core benefits als relational benefits. De klanttevredenheid is in zeer belangrijke mate afhankelijk van de geleverde kwaliteit van dienstverlening als core benefit. Maar ook de wijze waarop de dienstverlening plaatsvindt, is bepalend voor de klanttevredenheid. Daarbij spelen de relational benefits als bereikbaarheid van de accountant en de vriendschappelijke relatie met de klant een rol.

Dit artikel is gebaseerd op de scriptie Master in Accountancy van W.G. Snoei, De business case van de accountant, 2011, Business Universiteit Nyenrode

And it all came together

 

Donderdag 9 december 2010 was het feest in Delft. Het feest van de transparantie. Het 3e #tuacc hervormingsfestival was neergestreken in het ontzettend mooie pand van Exact langs de A13. En de combinatie van liefde en passie voor het accountantsvak met een goede verzorging van de inwendige mens waren de garantie voor een productieve avond.

Pand van Exact in Delft, locatie voor 3e Tweetup
Pand van Exact in Delft, locatie voor 3e Tweetup

De sessie werd geopende door Pieter de Kok met een terugblik van de activiteiten van #tuacc in de afgelopen periode. Reactie op rapport van Barnier is ingediend,  bestuur NIVRA is bezocht, De Accountantsdag kwam voorbij, reacties op plan van aanpak NBA gaat gestalte krijgen. En ga zo maar door. Deze opbouwende lijn zal wel vastgehouden moeten worden om het momentum te blijven benutten. Verder zal de #tuacc-groep scherp moeten blijven op het scherp zijn! Daarna hield Geert Mikkers een korte presentatie over zijn ervaringen met accountants, waardoor hij ongewild deskundige van accountancy is geworden.

De hoofdmoot van de avond bestond uit de 5 deelsessies die onder leiding stonden van de teamcaptains Wilco Schellevis, Marcel Spoelstra, Bas Oude Reimer, Joris Joppe en Ronald Oenema. Hierbij een impressie in een notedop.

 

IT en Accountancy
De afstand tussen accountancy en IT is in de praktijk nog veel te groot. Om het systeem heen controleren blijkt voor accountants nog steeds een optie te zijn. Wel alle informatie uit een financieel systeem gebruiken en vervolgens niet bezien hoe deze informatie tot stand is gekomen. En als al aandacht aan het geautomatiseerde systeem wordt gegeven, krijgen we al snel te maken met het fenomeen van elkaar niet begrijpende accountants en EDP-auditors. Kortom, werk aan de winkel om hier verandering in aan te brengen! Hierbij zijn onder andere de volgende punten genoemd:

  • Awareness creeëren door te publiceren over fouten in de controle die met de juiste werkzaamheden met betrekking tot IT-audit voorkomen konden worden

    Breakout sessie IT en Auditing

  • De opleiding accountancy niet meer insteken op 10% van alle ondernemingen die met COBIT en ITIL werken, maar op de 90% waarbij application controls en logische toegangsbeveiliging begrepen en getest moeten kunnen worden.
  • De markt verwacht van accountants een bepaald niveau van controle op ICT, goed om eens te gaan meten wat ze daadwerkelijk verwacht en of de accountant daaraan voldoet
  • Geven van gastcolleges met uitwerking van controle-aanpak door het systeem heen en praktische inzet van data-analyse als controlemiddel.
  • Kortom, Keep It Short and Simple, hands on en vakgenoten bewust maken 

 

Permanente educatie
Over de lamlendigheid van PE-verplichting is al veel gezegd. De vraag is hoe het dan wel moet. Marcel Spoelstra zal hier vanuit #tuacc gaan participeren in de commissie van het NBA die de PE-verplichting tegen het licht gaat houden. Hierbij zullen concrete punten worden meegenomen, zoals het verplicht stellen van cursussen IT-audit, kennisdeling gaan belonen met PE-punten, openbaar maken van  gevolgde cursussen per accountant en geen overloop van PE-punten naar een volgende periode.

Zo'n 50 passionisten waren aanwezig tijdens de 3e Tweetup

Presentatie mooiste vak naar doelgroep
Bij de communicatie naar het maatschappelijk verkeer proberen accountants altijd hun onafhankelijkheid boven alle twijfel te verheffen. De vraag is of dit terecht is. Nog altijd is de klant degene die betaald voor de dienstverlening. En die klant gaat met de zekerheid die aan zijn informatie is toegevoegd de markt op om bijvoorbeeld zijn costs of capital te verlagen. Oftewel, de klant van de accountant is de ondernemer, daar is de accountant niet geheel onafhankelijk van. En de gebruikerskring van de voor de klant gecontroleerde informatie is veel breder dan alleen de klant. Daar zal de accountant in zijn controle rekening mee moeten houden. Is dat het einde van Limperg? Nee hoor, hij krijgt alleen een #tuacc-petje op.

Welke beroepsregels moeten worden aangepast
Bij de aanpassing van beroepsregels lijkt de discussie te gaan verzanden in alles wat niet kan. We zijn bij het IFAC aangesloten, we hebben te maken met internationale standaarden die we moeten respecteren en Europa bepaalt een bijna alles in de regelgeving. De vraag is alleen wel hoe we de principle based regelgeving nog op de specifieke Nederlandse situatie kunnen toespitsen. Dit onderwerp vraagt nog wel wat bezinning, voordat hier concrete ideeën naar boven gaan komen.

Mouwen opstropen en aan de slag!

NV COS 4410
Bij dit onderwerp werd onder andere vastgesteld dat de toetsing door NOvAA en NIVRA wel eens scherper zou kunnen zijn als dat de regelgeving is ingestoken. Ook bij de richtlijn over het samenstellen van jaarrekeningen (NV COS 4410) lijkt dit fenomeen zich voor te doen, waarbij door diverse toetsers ook met diverse maten gemeten lijkt te worden. De keuze voor aansluiting bij bijvoorbeeld het SRA is vrijwillig, zij mag ook strenger toetsen om de kwaliteitsstandaard waar zij voor staat te waarborgen. In de gevallen van wettelijke toetsing wordt echter veel meegehuild met de wolven in het bos, maar lijkt een accountant niet snel voor zijn werk in te gaan staan. Ook hier mag passie en trots op het uitgevoerde werk best een plaats gaan krijgen. Het is maar de vraag of het gebrek daaraan wijst op het daadwerkelijke gebrek in geleverde kwaliteit of dat het lamlendige berusting is.

Verlichte denker

Kort beschreven plannen zullen door de groepsdeelnemers worden uitgewerkt. De plannen zullen dan op www.tuacc.nl worden gepresenteerd en dan voor de bredere groepsdiscussie beschikbaar zijn. Als mijn verwachting wordt bevestigd, worden er veel concrete punten van aanpak gepresenteerd. Het niet willen vervallen in een 10-puntenlijstje is inmiddels vaak genoemd. Maar vanuit een brede heroriëntatie op het beroep voortdurend komen met concrete actiepunten is onontbeerlijk voor het realiseren van deze hervorming.

Van Wake up naar Line-up!

Opnieuw levendige discussies in de deelgroepen

Vrijdagavond 5 november 2010. De dag dat er weer geschiedenis wordt geschreven. Op vrijdagavond 40 accountants, ondernemers en studenten bij elkaar die samen met vaktechniek bezig zijn op de 2e #Tweetup van accountants (#tuacc). Sommigen hadden een reistijd van meer dan 3 uur door chaos op de weg, maar dit werd ruimschoots gecompenseerd door de sfeer en discussie in Hoevelaken. Dit keer te gast bij Mark Appel in het nieuwe pand van Twinfield. Het FD was weer vertegenwoordigd, evenals Accountancynieuws met haar vaste scribenten Frans Heitling, Fou-Khan Tsang, Jan Wietsma en Alexander Leppink.

Vanuit chaos ontstaat innovatie...

Bij de eerste Tweetup lag de nadruk van de bijeenkomst op het opschrijven en ordenen van alle vernieuwende ideeën die er leefden. Om het accountantsberoep weer het elan terug te geven dat het verdient en ook dat geluid te laten horen aan de buitenwereld. Deze tweede avond was meer in de sfeer van organiseren en nadenken over de vraag op welke wijze deze veranderingen gestalte moeten krijgen en wanneer. Ook dit keer weer was de avond voorbereid door Pieter de Kok en Joris Joppe. Nog nahijgend van het schrijven van de hervormingsagenda stonden ze ook deze avond weer hun mannetje.

Vanuit de diverse discussiegroepen waren weer nieuwe geluiden te horen. Zoals het praktisch vormgeven van leiderschap in de accountantspraktijk in het kader van tone at the top. Het concretiseren van het beloningsbeleid en het aan banden moeten leggen van te grote en luxe kantoren. Het opzetten van een accountipedia.nl als kennisbank waaraan accountants, opleidingen en regelgevers bijdrage leveren om tot een best practice in werkwijze te komen.

Lonesome cowboys...

En dat uiteraard onder toeziend oog van een proactieve beroepsorganisatie. En zoveel ideeën meer. Wat vooral de aandacht kreeg was de wijze waarop de #tuacc-beweging zich zal moeten profileren en welke weg de komende weken bewandeld moet worden. Met name Prof. Dr. Mr. Marcel Pheijffer RA drong aan op het inzichtelijk maken van de werkelijke problemen die moeten worden opgelost. Het gevaar is namelijk levensgroot dat een boodschappenlijstje van 10 punten als concrete oplossing wordt gezien en aangepakt, terwijl de dieperliggende essentie van de discussie achterwege wordt gelaten. En die essentie is dat een groep accountants zich onvoldoende vertegenwoordigd voelt door de huidige beroepsorganisatie in haar publieke uitingen en houding. Met daarbij dat de passie voor het vak tanende is en dat het mooiste beroep van de wereld dat niet verdient!

Concreet zijn de volgende zaken op hoofdlijnen vermeldenswaardig als uitkomsten van deze 2e Tweetup:

  • Het NIVRA heeft tot op heden laten zien dat zij de #tuacc ontwikkeling volgt en positief waardeert. Op 9 november zullen Pieter de Kok,Joris Joppe en Fou-Khan Tsang de groep vertegenwoordigen in een bespreking met het NIVRA-bestuur. Op 24 november heeft Pieter de Kok ook de gelegenheid gekregen om het geluid op de Accountantsdag te laten horen.
  • De bevindingen van deze avond zullen worden verwerkt op de site van de hervormingsagenda ter kennisneming van betrokkenen en belangstellenden. Vanuit veel media en onder andere dit blog is de sfeer van groep neergezet als betrokken, met passie en trots. Deze houding en het breder kader van doelstelling zal in de agenda worden verwerkt. De houding is en blijft positief kritisch en niet negatief schoppend.
  • Last but not least... het op BNR al toegezegde bier

    Last but not least... het op BNR al toegezegde bier

    In de nieuwe bestuursstructuren (waaronder de commissie MKB-ondernemingen) van het NBA (Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants) zal waar mogelijk de positieve energie moeten worden ingezet om concreet aan de slag te gaan met vernieuwing en verbetering van het beroep.

  • De komende maanden zullen worden benut om dit soort bijeenkomsten te blijven organiseren en een agenda te ontwikkelen waarin de fundamentele vraagstukken worden benoemd en uitgewerkt. Op deze iets langere termijn zal wel de sense of urgency zichtbaar blijven.

Samenvattend kan worden gesteld dat deze avond weer inspirerend en motiverend was en weer een stap verder naar de toekomst. Of zoals Alexander Leppink zei: Time for new kids on the blog! Waarvan hierbij akte de presence…

Van #Tweetup naar Wake up!

Inspirerende locatie voor de tweetup

Inspirerend was het, op vrijdagmiddag 22 oktober 2010 in de Van Nelle Ontwerpfabriek in Rotterdam bij Pieter de Kok op kantoor. Inspirerend, vernieuwend en energiek. De uitnodiging voor deze bijeenkomst was verzonden via Twitter, een zogenaamde TweetUp. Voor de bijeenkomst begon kwam Mark Appel op het idee om als hashtag #tuacc te gebruiken. De groep was als vanzelf breed samengesteld. Directieleden van accountantskantoren, ervaren accountants, zogenaamde jonge honden in het vak, ondernemers en de Vereniging van Accountancy Studenten (VAS). Ook de directeur van het NIVRA Berry Wammes was aanwezig. Vertegenwoordigers van de Big-4 en AFM ontbraken, helaas. En het doel van deze bijeenkomst? Geen revanche, maar reveil. Niet uitgaan van de kritiek op de kritiek, maar uitgaan van eigen kracht. Met elkaar brainstormen over hoe het mooie accountantsberoep vandaag weer de schwung en het elan kan krijgen dat het verdient!

De bijeenkomst begon om 16:00 uur met een intro van Pieter de Kok die samen met Joris Joppe al veel aandachtspunten op de muur van zijn kantoor had gekalkt. Na de intro volgde een discussie in groepjes rondom de thema’s:

  • Visie en keuzes maken
  • Kwaliteitsborging
  • Transparantie
  • Vaktechniek en innovatie
  • Presentatie en communicatie
  • Besluitvormingsproces bestuur
  • Educatie

Na de groepsdiscussie volgde een plenaire presentatie van de uitwerking en werd verder gediscussieerd. Leuk om te zien was dat de eendracht groot was en de ideeën veel overeenstemden. Onderstaand volgt onze impressie  van de #Tuac.

Visie en keuzes maken

Energieke discussie (Fou-Khan Tsang, Wilco Schellevis, Nart Wielaard)

Accountants zullen een keuze moeten maken in welke diensten zij wel en niet aanbieden en hoe ver de service moet gaan. De eerste keuze is al assurance of non-assurance dienstverlening. Vervolgens zal bij assurancewerkzaamheden ook specialisatie aan de orde moeten zijn om kennis en kwaliteit te waarborgen. De vergelijking met geneeskunde wordt op tafel gelegd en verder opengesneden. De ‘one size fits all’ accountant bestaat niet. Evenals bij geneeskunde moet er een basisopleiding zijn en vervolgens specialisatie op specialisatie om naar het maatschappelijk verkeer helder te krijgen wat van de accountant verwacht mag worden en wat niet. Ook de kernwaarden in het beroep komen naar voren: beroepstrots, een open mind, vaardige communicatie en een professioneel kritische instelling. Zo op het eerste gezicht mooie termen, maar hier elke dag inhoud aan geven lijkt steeds minder bij de accountant te passen. Het charisma moet terug in het beroep en de intrinsieke motivatie moet worden uitgedragen.

Kwaliteitsborging
Het NIVRA zal haar rol als hoofd beroepsbeoefenaren weer moeten oppakken. Pit bull reviews op controledossiers om de kwaliteit onaangekondigd te kunnen toetsen op inhoud is daarin voor de hand liggend. De AFM komt in dat plaatje wat meer op afstand te staan en zal zich meer kunnen richten op het proces van kwaliteitsborging in plaats van op de punten en komma’s in het dossier. Naast de al genoemde specialisatie in het beroep zal bijdrage door accountants aan een centrale kennisbank verplicht moeten zijn en zal het kennisdelen in branchegroepen een vanzelfsprekendheid moeten worden.

Transparantie

Brainstormend, schrijvend, discussierend

Het denken vanuit de opdrachtgever blijft een opgave. Al snel wordt de ondernemer als opdrachtgever gezien, hij is ook degene die de rekening betaalt. De accountant als vertrouwensman van het maatschappelijk verkeer houdt echter in dat communicatie met dat maatschappelijk verkeer wordt vergroot. Een vertrouwensrelatie met de ondernemer is goed, maar als stok achter de deur moet wel staan dat bevindingen in bijvoorbeeld een managementletter openbaar gemaakt moeten worden als ze niet worden opgevolgd. De rol van de Raad van Commissarissen is tot nu toe wat onderbelicht gebleven in de hele discussie, maar zij heeft als toezichthoudend orgaan wel degelijk een vinger in de transparantiepap. Verdere voorbeelden voor het transparant maken van de accountantsrol bij de controle van een onderneming zijn het openbaar maken van de bestede accountantsuren in de jaarrekening per functie. Bedragen zeggen nu niet veel, maar urenbesteding zegt alles. Betrokkenheid van eindverantwoordelijk accountant op een dossier komt dan tot uitdrukking. Uiteraard wordt de getrouwheid van deze verantwoording door het NIVRA als punt voor review meegenomen. Ook naming en shaming wordt besproken, tuchtrecht hoort geen achteraf discussie te zijn in 17e-eeuwse taal, maar levend en krachtig inclusief de namen van betrokkenen.

Vaktechniek en innovatie

Discussie all around...

De visie van de groep is helder; de koppeling tussen opleiding, wetenschap en praktijk moet worden geïntensiveerd, waarin IT als vanzelf volledig geïntegreerd wordt meegenomen. De ontwikkelingen van wetenschap in het beroep staan nagenoeg stil. Modellen uit de 19e eeuw zijn leidend in controle, terwijl de informatie-architectuur al vele stappen verder is.  Maar de wetenschappelijke onderbouwing van controlematerie en uitwerking van best practices ontbreekt. Waarom geen grotere rol van IT-Auditing in het onderwijs en de daarop aansluitende praktijk? Waarom geen maandelijks bezoek aan de klant waarbij op basis van data-analyse het continuous auditingmodel wordt uitgewerkt? Waarom een stageverplichting die stuurt op uren zonder inhoud in plaats van vaktechnische vaardigheden bijbrengen? Een minimum van een paar honderd uur stage bij de ondernemer in plaats van op het accountantskantoor zou een goede aanzet zijn tot verbreding van de visie. En daarnaast zou een stage bijvoorbeeld kunnen bestaan uit vaktechnische review op controledossiers, waarbij je als stagiair minimaal 20 voldoendes moet halen.

Een veel gehoorde klacht is ook het onbegrijpelijke karakter van de accountantsverklaring. In het FD wordt Steef Vissers opmerking hierover gequote: “Het is een ontkenning van een ontkenning van een ontkenning dat je iets niet hebt gedaan”. Hier komt ook de suggestie van vrije tekst in de accountantsverklaring naar voren. Of in een apart statement, maakt niet uit. In ieder geval een begrijpelijk verhaal over wat de bevindingen echt zijn omtrent risico’s, tone at the top en alles wat de accountant relevant vindt voor het maatschappelijk verkeer.

Presentatie en communicatie
Het geheel van vakinhoud en vaktechniek zal op een begrijpelijke wijze over de bühne moeten worden gebracht. Met name het hanteren van begrijpelijke taal en niet vervallen in vakjargon lijkt een uitdaging te zijn. Daarbij is versnippering van vertegenwoordiging over tig organen niet wenselijk. One man, one voice wordt hierbij als uitgangspunt geformuleerd. Niet verdelen en achter onmogelijkheden verschuilen, maar samenbinden en proactief voor de troepen uitgaan!

Educatie

VAS inbreng op educatiegebied

Goede educatie begint uiteraard bij een goede structuur van opleiding. De VAS heeft hierover ideeën die ze waarschijnlijk binnenkort op deze site wereldkundig zullen maken. In ieder geval zal de wetenschappelijke opleiding een vereiste moeten blijven en zal een specialisatiefase duidelijk moeten maken wat voor soort accountant iemand wil zijn.
De lamlendige houding bij de PE-punten verplichting is laakbaar. Punten verdienen met een cursus mindmappen of een cursus Engels slaat de inhoudelijke plank volledig mis. Ideeën om dit tij te keren zijn even simpel als dat ze nu niet bestaan. De cursus die gevolgd wordt, zal vakinhoudelijk moeten aansluiten bij het specialisme van de accountant. Daarbij is een sfeer van inslapen tot het moment van handtekening onbestaanbaar. Een tentamen aan het einde van de cursus lijkt niet meer dan logisch, een beetje opletten mag wel de minimale eis zijn voor deelname. Het toezicht op de PE-verplichting wordt tegenwoordig wel uitgeoefend, maar de uitdaging is om van inhoudelijke verplichting een inhoudelijke verbetering te maken. Stilstand in kennis (hoewel opgefrist) blijft toch achteruitgang!

Het aspect van besluitvormingsproces van bestuur is niet echt goed aan bod gekomen. Wellicht is dit tekenend voor de houding van deze groep: niet zeuren en processen vormen, maar aan de slag. De handschoen is nu opgepakt, de kunst is om hem aan te trekken en te blijven dragen.

Binnen een week zullen de uitgewerkte concrete uitkomsten en aanbevelingen worden gedeeld met NIVRA, FD en alle andere belanghebbenden en zullen ze uiteraard ook op deze site beschikbaar zijn.

Spontane brainstorm: hervorming in accountancy!

In één week tijd kan veel gebeuren. Naar aanleiding van recente, kritische berichten over accountants, de kritiek en reacties daarop ontstaat een spontane beweging van accountants, bijna accountants en andere betrokkenen. Aanjager en katalysator van deze beweging is Pieter de Kok. Over het ontstaan van deze spontane beweging, lees het blog van Marcel Pheiffer en vervolgens de reactie en ideeën van Pieter. Ook op deze site verscheen vorige week een bijdrage over dit thema (‘Houston, we have a problem‘).

Op Twitter werd naar aanleiding van deze zaken gediscussieerd en steun betuigd. De toekomst van accountancy en ons mooie vak is veel collega’s dierbaar. Een toekomst die we uit eigen kracht kunnen waarmaken. Spontaan ontstond het idee een brainstormsessie te organiseren rondom het thema hervorming in de accountancy. In een week tijd hebben we voor vanmiddag 15 aanmeldingen, waaronder directieleden van accountantskantoren, ervaren accountants, jonge honden, studenten (Vereniging van AccountancyStudenten (VAS)). Voor de volgende sessie (in jargon: TweetUp) zijn al 35 aanmeldingen binnen. Dit thema leeft binnen de beroepsgroep! Vanmorgen berichtte het FD reeds over de TweetUp van vanmiddag en zal ook verslag doen van de sessie van vanmiddag.

Twee auteurs van dit blog (Wilbert Snoei en Wilco Schellevis) zullen vanmiddag ook met plezier participeren in de brainstorm en discussie. Op voorhand hebben we alvast gebrainstormd. U weet, het motto van brainstormen is: ieder idee is goed!

De basis van een gezond en zelfbewust beroep ziet er als volgt uit: in de inner circle de kernwaarden van het beroep en de beroepsuitoefenaar, in de outer circle de peilers waarop het beroep en de accountants horen te steunen.

Het lijkt me goed ieder van de genoemde componenten in ogenschouw te nemen bij een brainstorm over hervormingen in de accountancy. Daarmee krijgen we een goed evenwicht tussen innovatieve en/of noodzakelijke maatregelen en de basics van gehele beroep. Mijn mening? Voor een hervorming is op vrijwel ieder terrein en de beïnvloeding tussen de terreinen winst te boeken. De paar concrete ideetjes daarover bewaar ik tot vanmiddag…. wordt vervolgd!

Houston, we have a problem: een beroep in crisis

In april 1970 gaat het mis in ruimteveer Apollo 13. Zwevend in de ruimte explodeert een zuurstoftank en heeft de bemanning een acuut probleem. Terwijl de bemanning in de ruimte zweeft wordt in Houston alles gedaan het ruimteveer weer op de aarde te krijgen. Onderstaand fragment, uit de Oscarwinnende film ‘Apollo 13,’ laat zien dat op beslissende crisismomenten open leiderschap en nieuwe, out-of-the-box ideeën nodig zijn. Immers ‘failure is not an option!’

Dit verhaal en met name dit fragment hebben alles te maken met ons beroep in crisis. Een explosie van negatieve berichten over de accountancy alleen al in de laatste 6 weken. Een kritisch AFM-rapport over kwaliteit van de Big4-kantoren, een kritisch interview over kwaliteit bij kleinere kantoren, kritische berichtgeving in het FD en forse statements in het green paper van Barnier. Ook de inhoudelijke reacties van het NIVRA, reacties van Kamerleden en meningen van al dan niet zelfverklaarde deskundigen –of ze nu terecht zijn of niet- stemmen droevig. De crisis lijkt compleet.

Juist daarom is het nu tijd voor actie. Tijd ons beroep weer te laten landen in de maatschappij. Maar niet als een beroep dat zich beroept op wetten en regels en niet begrepen wordt. Een beroep dat pro-actief uit eigen kracht zich ontwikkelt naar een zichtbaar relevante functie in het maatschappelijk verkeer. Een beroep dat communiceert met het maatschappelijk verkeer en ook de percepties kan managen. Een beroep dat een stevige basis kent in wetenschap, opleiding, ethiek en innovatie. Een beroep dat wordt uitgeoefend door goed opgeleide, integere professionals met plezier in hun vak. Een beroep dat ik nog lang wil blijven uitoefenen!

Als u dit gevoel deelt, denk dat mee over die toekomst! Discussieer hier en op de verschillende podia en laat juist dit geluid horen. Laat horen wat je van de huidige situatie vindt en waar je verbetering ziet. Of bezoek de eerste, spontane brainstormsessie aanstaande vrijdag 22 oktober bij Coney in Rotterdam, georganiseerd op initiatief van Pieter de Kok (Waarom? Klik hier! Aanmelden via DM aan @ConeyNL).

Sneer DNB naar accountants, een foutje met een seintje?

Veel nieuws over de slecht presterende pensioenfondsen die door minister Donner gedwongen worden de uitkeringen aan te passen. Veel onrust over het nog niet bekend zijn welke fondsen dit betrof, een Tweede Kamer dat terugkomt van reces voor een spoeddebat over deze kwestie. Tegen deze achtergrond gaf het directielid van toezichthouder DNB, Joanne Kellerman (verantwoordelijk voor pensioenfondsen) een interview aan het FD. In dit interview stelde ze onomwonden dat een deel van de ontstane problemen te wijten zijn aan de rol van ingehuurde accountants en actuarissen. Deze zouden soms akkoord gaan met ‘onjuiste waarderingen van illiquide beleggingen’ en ‘akkoord zijn gegaan met hoge concentraties van bepaalde effecten.’ In hetzelfde interview stelt ze tevens dat een ander deel van de problemen te wijten zijn aan het tekortschietende kennisniveau’s van de bestuurders. Een reflectie over het uitgeoefende toezicht in de afgelopen jaren op deze of andere punten ontbreekt in het interview. Waarmee het interview sterk de indruk begint te wekken van het bekende straatje dat blijkbaar schoon moet.

Het nadeel van een dergelijke veegactie is dat daarmee op andere straatjes dit vuil opduikt. Gelukkig heeft het daar ook niet lang gelegen. Bestuurder Van Vliet van PME (de grootste van de 14 ‘ probleemfondsen’ ) stelt in een interview met het Reformatorisch Dagblad afgelopen zaterdag dat het bewuste interview een poging van de DNB is ‘ het geschonden blazoen weer op te poetsen.’ Van Vliet stelt dat de ‘momentopname’ waaruit het dekkingstekort blijkt wordt veroorzaakt door de schommelingen in de te hanteren marktrente voor het berekenen van de verplichtingen. Deze ‘jojorente’  is volgens Van Vliet door de DNB doorgedrukt ‘ met het mes op tafel.’ Ook in dit interview ontbreekt een verdere reflectie op het  gevoerde beleid van het pensioenfonds, bijvoorbeeld op het gebied van beleggingen, risicomanagement. En, om een punt te noemen, het blijkbaar ontbreken of tekortschieten van afdekkingsinstrumenten voor dergelijke rentedalingen.

Ook het NIVRA kwam snel met een reactie op het interview. Woordvoerder Marc Schweppe uit verbazing over de wijze waarop DNB met dit standpunt naar buiten komt. Op het periodieke sectoroverleg met NIVRA en DNB zouden dergelijke beweringen nooit zijn geuit. Ook inhoudelijk herkent hij de kritiek niet. ‘Het waarderen van pensioenbeleggingen is altijd een momentopname. (…) Met de wijsheid achteraf kun je zeggen dat het in sommige gevallen misschien anders had gemoeten. Maar dat betekent niet automatisch dat accountants akkoord gingen met waarderingen die destijds onjuist waren.’ Ook de accountantskantoren KPMG en PWC reageren verbaasd. KPMG wil in gesprek met de DNB over haar kritiek, PWC zegt nooit te zijn aangesproken door DNB over foutieve pensioenwaarderingen.

Kortom, een domino-effect van het schoonvegen van straatjes. Natuurlijk prangt de vraag wie nu gelijk heeft in deze ontwikkelingen die het karakter krijgen van een ‘whodunnit.’ Wat betreft de kritiek van DNB op accountants heeft Prof. Marcel Pheijffer een treffende analyse gemaakt in zijn blog. Los van de huidige vraag wie schuld heeft, vraag ik me af of de kritiek van DNB op accountants, terecht of niet, in ieder geval geen signaal bevat dat gebruikt kan worden voor het verbeteren van het optreden van accountants. Kort gesteld, een foutje met een seintje?

Pensioenfondsen hebben te maken met omvangrijke posities aan bezittingen en verplichtingen. Deze posities vragen uitgebalanceerd beleggingsbeleid en risicomanagement. Begin 2010 rapporteerde de commissie Frijns dat een kwaliteitsslag bij pensioenfondsen gemaakt moet worden, onder andere op het gebied van risicobeheer. Risico’s die ook bestaan uit fluctuerende rentes en te hoge concentraties in bepaalde beleggingen. De mate waarin op alle relevante risico’s adequate maatregelen zijn getroffen zijn gecumuleerd een krachtige voorspeller van de mate waarin het pensioenfonds in de komende periode in staat zal zijn boven de minimale dekkingsvereisten te blijven. Ongetwijfeld is het beoordelen van deze risico’s en het risicomanagement betrokken in de scope van de controlerend accountant. Punt is dat deze werkzaamheden en uitkomsten niet zichtbaar gemaakt worden in de verklaring. Ondanks dat –gesteld dat- alle werkzaamheden integer, betrouwbaar en minutieus zijn uitgevoerd en het bestuur is geconfronteerd met niet afgedekte risico’s is het statement van de accountant na afloop niet anders dan alle andere: de standaardtekst van een goedkeurende verklaring. Een gemiste kans lijkt me. Het zou mooi zijn als het accountantsberoep een verklaring ontwikkelt die concreet, gefundeerd een oordeel uitspreekt over relevante aspecten van de ‘ gecontroleerde.’ In 2005 pleitte Kor Mollema al voor een Assurance nieuwe stijl, dat per bedrijfstak tweemaal per jaar een beoordeling uitvoert en rapporteert van bijvoorbeeld:

  • adequate strategie en acceptatie daarvan in de organisatie
  • correcte en consistente toepassing IAS,
  • betrouwbaarheid interne en externe communicatiestromen
  • security van de IT
  • afwezigheid van corruptie
  • compliance met weten regelgeving
  • adequate interne control en een aanvaardbaar residueel risicoprofiel.
  • de ontwikkeling van solvabiliteit en rentabiliteit

De eindweging van dergelijke factoren zou in een vijfpuntsschaal kunnen. Als we dit out-of-the-box-idee leggen naast de nu ontstane commotie vraag ik me af als bij de pensioenfondsen een verklaring was afgegeven die veel meer van onze werk en oordeel liet zien, deze commotie was ontstaan. Het gaat me daarmee niet zozeer of accountants in het huidige bestel al dan niet goed hun werk hebben gedaan, het sein uit al deze commotie moet vooral een heroriëntatie zijn op ons werk en de communicatie daarover. Een nieuwe oriëntatie op hoe we de behoeften van alle partijen in het maatschappelijk verkeer beter kunnen dienen. Een revolutie in de voor ieder bedrijf gelijke, weinigzeggende verklaring!

PS: Mag ik de komst van een eerste collectieve managementletter (voor de verzekeringsbranche), geïnitieerd door het NIVRA interpreteren als een hoopgevend teken?

Vakantie voorbij, en nu?

Vakanties zijn een bijzonder fenomeen. Het ‘vieren’ van vakantie als een onderbreking van het werkritme wordt inmiddels door veel Nederlanders als een noodzakelijk remedie beschouwd voor de inspanningen in een baan of het ondernemerschap. Bij voorkeur met meerdere doses per jaar in te nemen. Dit fenomeen bevestigt de immer aanwezige tegenstelling tussen een groot deel van het leven in een werkritme en het beleven van vrijheid in de vakantie. Een korte illustratie van deze tegenstellingen, zomaar uit het leven gegrepen, gevolgd door wat woorden van troost en hulp om met deze tegenstellingen te leren leven.

De eerste behoefte een vakantie te boeken ontstaat zodra het werkleven na een vorige vakantie weer in volle hevigheid ervaren wordt. In de steeds eerder donker wordende avonden begint de zoektocht over internet naar een geschikte vakantiebestemming. Gestart met het plezierige idee weg te dromen over heerlijke vakantiebestemmingen, devalueert het goede voornemen deze bezigheid al snel in het urenlang doorklikken van schreeuwerige vakantieaanbiedingen op talloze sites. Als na een kwellende periode uiteindelijk een beslissing gevraagd wordt is het kritisch vermogen aangetast door een overmatige consumptie van te-goed-uitziende-foto’s, laagste-prijs-garanties en twijfelachtige recensies. Daarmee is de vakantie geboekt, op goed geluk.

Vakanties boeken betekent niet dat al gestopt kan worden met werken. Doorgeploeterd wordt er, blik op oneindig, het werkritme uitlevend. Totdat we plotseling, een week of wat vóór de vertrekdatum ontwaken uit deze roes. De vakantie staat voor de deur! Als dit besef begint door te dringen gaat in het hoofd een schakelaar om. Nog een kleine tijd, en dan…! In die kleine tijd voor de vakantie moeten uiteraard nog teveel zaken worden gedaan. Het buffertje aan vooruitgeschoven werk moet weg. Een laatste krachtsinspanning, de laatste stress, dan kan –met een hoofd vol werk- de heenreis aanvaard worden. Een tocht met veel kilometers, files of vertragingen en kinderen die het idee ‘de reis is ook vakantie’ óók niet begrijpen. Na deze tocht wacht het uitpakken en de start van die begeerde vakantie.

Daar zit je dan. In de zon. Geen afspraken, geen werk, zomaar dagenlang alles doen waar je zin in hebt. En vooral niets doen waar je geen zin in hebt. Vaak duurt het even voordat de volle glorie van dat concept ook beleefd wordt. Maar dan heb je ook wat. Lange avonden, barbecues, heerlijke wijnen, boeken, ontbijt met versgehaald brood. Overmoedig worden vrijwillig allerlei activiteiten ondernomen. Grootse sportieve prestaties, overmatige brokken cultuur. Het vakantieleven is goed, totdat de laatste week aanbreekt. De gedachte aan de tijdelijkheid van het bereikte vat post. Koffers worden gepakt en al snel wordt de terugreis aanvaard. In het motto: ‘de terugreis is ook vakantie’ gelooft niemand meer. Thuiskomend in een muf ruikend huis, vergeten waren in de koelkast, begint de terugkeer naar het werkritme. Na een week heimwee naar de vrijheid, begint de sleur weer te trekken. De cirkel is rond.

Tegenstellingen! Natuurlijk de tegenstelling tussen het werkritme en het vakantieritme. Maar ook, veel vaker voorkomend dan je om je heen hoort, de langverwachte vakantie valt gewoon tegen. Hoe komen we deze tegenstellingen voorbij? Voor beide tegenstellingen wat hulp.

Tyler Mason, professor aan de George Mason University beschrijft drie belangrijke valkuilen die kunnen zorgen voor een tegenvallende vakantie:

  1. Materie hoger waarderen dan ervaringen – bewezen is dat mensen op de lange termijn meer waarde hechten aan mooie herinneringen dan aan fysieke bezittingen. Je kunt beter meer op vakantie gaan en meer beleven dan dat geld uitgeven aan materie;
  2. Alles bij het vertrouwde houden  -zelfs als mensen andere horizonten ontdekken, blijven ze te vaak in gewoonten hangen;  ga eens wat anders doen, eet wat anders, ontdek!
  3. Van iedere vakantie verwachten dat die nonstop leuk is – deze te hoge verwachtingen kunnen maar al te snel beschaamd worden, eenvoudigweg omdat op vakantie sneller zaken mis kunnen gaan. Tyler Cowen stelt: “To maximize your happiness, lower your expectations”

Als u de tegenstelling tussen de verwachte en werkelijke vakantie hiermee gepareerd hebt, wordt de tegenstelling tussen het vakantieleven en het werkritme alleen maar groter. Zelfs hier is wetenschappelijk onderzoek naar gedaan, het PsychologieMagazine vat de aanbevelingen hieruit als volgt samen (tip: per aanbeveling variëren in de korrels zout):

  1. Keer stapsgewijs terug
  2. Wees lief voor jezelf
  3. Omring je met herinneringen
  4. Vergroen uw omgeving
  5. Houd gezonde vakantiegewoontes vast
  6. Schrap slechte gewoontes
  7. Doe nog maar een ding tegelijk

Gewapend met deze kennis hoeft de nieuw ingezette cirkel minder vicieus te zijn. Op naar de volgende vakantie!

De crisis voorbij?

In een recent onderzoek geeft de Nederlandse MKB-ondernemer een positief signaal af: ruim 70% van de 632 ondervraagde MKB’ers geeft aan over vijf jaar groter te zijn dan nu het geval is. De verwachte groei zal vooral komen door een stijgende marktvraag en beter economisch klimaat. Interessant is hoe deze ondernemers zich naar verwachting gaan ontwikkelen:
• 35% door productspecialisatie
• 29% door innovatie
• 23% door focus op niches
• 17% door kostenleiderschap
.
Allereerst: een positieve uitkomst van een dergelijke enquête is vooral afhankelijk van de vraagstelling. Bij deze vraagstelling (verwacht u over 5 jaar groter te zijn dan u nu bent) sluit een langer voortdurende crisis niet uit. Deze vraag kan ook met ‘ja’ worden beantwoord in een scenario waarin de komende drie jaar de groei stagneert en de laatste jaren alleen prijsindexatie wordt toegepast.
.
Toch staat dit signaal niet alleen. Het CBS berichtte in juni dat het aantal faillissementen fors afgenomen is. Actuele cijfers bevestigen dat beeld. In een recent onderzoek van TNS Nipo in opdracht van De Raadgevers Bedrijfsjuristen onder 525 MKB-ondernemers blijkt dat de MKB’ers verwachten in 2010 minder mensen te hoeven ontslaan dan in 2009.
.
Ondanks deze positieve berichten wisselt de feitelijke toestand per bedrijfstak nog sterk. Vandaag bericht het FD dat het er voor de bouw nog somberder uitziet dan verwacht. Een eerdere inschatting van het EIM hield rekening met het verlies van 30.000 banen in de bouwsector voor dit jaar, inmiddels is dat bijgesteld naar 40.000. Ook in de ICT-sector is het nog somberheid troef. De door Ernst & Young bijgehouden ICT-barometer zakt van 104 naar 81. De huidige ontwikkelingen in de ICT-sector zijn daarmee terug op het niveau van december 2009.
.
Vorige maand bericht het FD in een interview met Anneke Wieling van Proviti dat het steeds moeilijker is voor bedrijven in het MKB financiering van een bank los te krijgen. Los van de overige aspecten die zij benoemt is één aspect relevant voor de accountant van de ondernemer. Zij stelt dat ondernemers vaak niet in staat zijn betrouwbare en verdergaande rapportages aan de bank aan te leveren, zoals toekomstscenario’s en kasstroomprognoses. Hier ligt de uitdaging voor de accountants van al die klanten die voordat de zon achter de wolken tevoorschijn komt (over vijf jaar) nu behoefte hebben aan ondersteuning in een moeilijke tijd. Een accountant die realistisch is over de huidige en toekomstige economische vooruitzichten en de ondernemer pro-actief en tijdig adviseert en begeleidt bij de financieringsaanvraag. Een uitdaging voor de beroepsgroep, een must voor het MKB zodat de positieve verwachtingen ook waargemaakt kunnen worden.
.
PS: ben overigens erg benieuwd naar de economische verwachtingen in de accountancybranche en nog veel meer waarin de groei verwacht wordt: Innovatie? Productspecialisatie? Of fusies?
.
Deze blogpost is ook verschenen op www.financebase.nl.

SBR/XBRL: is gemiddelde prioriteit goed genoeg?

In de vorige blogpost met de titel “XBRL: waar zijn accountants bang voor” is ingegaan op de schrikbarende uitkomsten van een enquete over XBRL onder accountants en belastingadviseurs. Al wat eerder stond op www.accountancynieuws.nl een artikel over deze uitkomsten met de titel “XBRL geen prioriteit voor accountants en belastingadviseurs”. Deze titels geven enerzijds kort maar krachtig de status van XBRL bij accountants en belastingadviseurs op dat moment weer, anderzijds lijkt de laatste titel ook de indruk te willen wekken, dat het wel prioriteit zou moeten hebben. Of dat hoge, gemiddelde of lage prioriteit zou moeten zijn, staat er niet bij, dus daar wil ik in deze blogpost wat ideeën over geven.

Gemiddelde prioriteit is ook prioriteit

Naar mijn mening moeten we XBRL zeker niet laten liggen, maar moeten we er ook niet per definitie zo’n hoge prioriteit aan toekennen, dat het ten koste gaat van andere ontwikkelingen. SBR/XBRL is zeker van groot belang, maar dat zijn meer ontwikkelingen. In elk geval moet er een duidelijke keuze worden gemaakt over de manier, waarop binnen het eigen kantoor moet worden omgegaan met SBR. Het maken van deze keuze moet mijns inziens overigens wel een hoge prioriteit krijgen. In dat licht is het wel een beetje typisch ‘des accountants’ dat uit het onderzoek blijkt, dat 84% van de organisaties, die de vragenlijst hebben ingevuld, nog helemaal geen beslissing heeft genomen over een ontwikkeling, die zo’n grote impact kan gaan hebben. Als ik kijk naar de belangrijkste redenen, waarom nog geen besluit is genomen, verbaast dat lijstje me niet:

  • De klanten vragen er (nog) niet om: dit komt niet echt proactief over, terwijl de meeste accountantsorganisaties dat volgens hun website wel zijn.
  • Onvoldoende informatie over het gebruik van XBRL en de mogelijkheden: wanneer weten we wel voldoende? Volgens mij is de enige manier om het echt te gaan begrijpen het gewoon aan de slag gaan in de vorm van een pilot. Overigens is via http://www.xbrlvooraccountants.nl/ inmiddels een praktisch en goed leesbaar handboek beschikbaar, wat al heel veel duidelijk kan maken.
  • Niet duidelijk of XBRL een succes wordt: we zouden er ook voor kunnen gaan als beroepsgroep om er een succes van de maken, maar dat klinkt wel eng en het resultaat is niet voor 100% gegarandeerd.

Samengevat geeft dit eigenlijk aan, dat accountants wel zeggen dat ze hun klanten willen helpen bij het ondernemen, maar dat ze geen beslissing durven nemen over hun eigen business. Een bewuste en duidelijke keuze is toch wel het minimum, wat cliënten van hun accountant mogen verwachten. Gelukkig was ten tijde van het onderzoek (januari 2010) wel een aanzienlijk deel van de deelnemers van plan om op niet al te lange termijn een beslissing hierover te namen, dus mogelijk zou een onderzoek nu een heel ander beeld laten zien.

Zou deze afwachtende houding komen door de angst voor omzetverlies, omdat de efficiency hiermee bijna onvermijdelijk (drastisch) zal verbeteren? De klap zou wel eens het hardst kunnen zijn bij de kantoren, die efficiencyverbetering altijd hebben uitgesteld, terwijl het voor de al efficiënt werkende kantoren wel meevalt. Lees verder

XBRL: waar zijn accountants bang voor?

Op 24 juni 2010 zijn de uitkomsten van een enquete over XBRL en SBR bekendgemaakt. De enquête is breed uitgezet onder de leden van beroepsorganisaties, zowel onder accountants als belastingadviseurs. Met schokkende uitkomsten. Een kleine greep:

53% van de ondervraagden besteedt geen aandacht aan XBRL, voor 92% van de ondervraagden heeft XBRL geen prioriteit. Ondanks dat geen aandacht wordt besteedt aan XBRL wordt wel geklaagd over de beschikbare informatie over XBRL en de mogelijkheden daarvan.  45% twijfelt of XBRL wel een succes wordt. Voor 64% is het feit dat klanten er (nog) niet om vragen een reden geen besluit te nemen over XBRL. Circa één derde van de ondervraagden vindt de invoering van XBRL te complex, te kostbaar of voert het niet in omdat het niet verplicht is.

Eigenlijk een prima samenvatting van de houding van allerlei beroepsgenoten die ik trof op bijeenkomsten rond dit thema. Helaas wel een beschamende graadmeter van de mate waarin in onze branche strategische visie, innovatiekracht en ondernemerschap aanwezig is.  Waar is de branche eigenlijk bang voor? Lees verder

Absolute transparantie en de kracht van de massa

Vorige maand verscheen in ‘De Accountant’ een mooi staaltje van out-of-the-box-denken door Nart Wielaart. In een helder en goed onderbouwd betoog (‘Van Lego kun je alles maken‘) stelde hij kortweg het volgende. Als je informatie volledig en op een uniforme manier (XBRL!) beschikbaar stelt, kan de kracht van de massa inzetten voor regulering, correctie en daarmee betrouwbaarheid. Als voorbeelden van dergelijke systemen worden Wikipedia, restaurantsite Iens.nl en open-source-software genoemd.  In een systeem van absolute transparantie vervallen de rollen van accountants en creditraters. Als voorbeelden van beschikbaarstellen van ruwe data wordt Freerisk.org genoemd en Data.gov genoemd. De eerste site stelt ruwe data ter beschikking van een aantal grote Amerikaanse bedrijven, de tweede deelt veel data van de Amerikaanse overheid. Helaas bleek bij het schrijven van dit blog de eerste site plat te liggen, te veel belangstelling?

Dit artikel heeft me behoorlijk getriggerd. Want dat een tendens is ontstaan naar meer transparantie, zoals ook beschreven wordt is niet te ontkennen. Toch maak ik graag een paar kanttekeningen bij het betoog. Lees verder

Het Trojaanse paard van McAfee

Het verhaal van Troje is bij de meesten onder ons wel bekend. Na een jarenlange strijd stonden de Grieken nog steeds tegen de torenhoge en onneembare muren van Troje aan te kijken. Gelukkig hadden de Grieken Odysseus in hun midden die een list bedacht, namelijk het bouwen van een reusachtig houten paard gevuld met soldaten. Op een prachtige ochtend zagen de Trojanen een verlaten strand voor hun poort. Geen Griek te bekennen, behalve een houten paard dat een geschenk van de Grieken voor Pallas Athene bleek te zijn.

De Trojanen waren verheugd dat de Grieken zich eindelijk hadden teruggetrokken! Tegen de onheilspellingen in van Cassandra (vandaar: Cassandrasyndroom!) haalden de Trojanen het paard binnen de stadsmuren en vierden een overwinningsfeest. Later die nacht slopen Griekse soldaten uit het paard en openden de poorten waar de reeds verzamelde Griekse legers Troje binnen stroomden en de stad vernietigden. En zo was het einde van Troje een feit.

Wie had kunnen bedenken dat ongeveer 3200 jaar later het begrip Trojaans paard een veel gebruikte term in de wereld van automatisering zou zijn? En dan wel onder de noemer “kwaadaardige software”. Uiteindelijk werken de Trojaanse IT paarden volgens het zelfde principe: een gebruiker installeert een, in zijn of haar ogen, onschuldig programma. Echter in dit programma is een stuk kwaadaardige software verwerkt die, eenmaal binnen, vernietigend uit kan halen! In het ergste geval kan dit het einde van je systeem als gevolg hebben….. Zie hier de vergelijking met de Trojaanse oorlog. Lees verder

Meer specialisatie in het accountancyonderwijs!

Op de zonovergoten 29 april vond op Nyenrode Business Universiteit een symposium van de VAS in het teken van ‘Internationalisering en specialisatie van het accountantsonderwijs.’ Een indrukwekkende sprekerslijst wisten de ruim honderd bezoekers mee te nemen in de visies op de toekomst van het accountancy-onderwijs. De leiding van ‘éminence grise‘ Jules Muis was scherp en humoristisch. De bezoekers namen graag de gelegenheid zowel tijdens als na de bijdragen van de sprekers het debat aan te gaan. Een verlevendiging van de middag, die soms zelfs het karakter kreeg van een brainstormsessie.

Als organisator was het symposium voor de VAS, als belangbehartiger van accountancystudenten, een uitgelezen kans de eigen standpunten onder de aandacht te brengen van veel aanwezige ‘onderwijsbobo’s.’ De door de VAS neergezette visie leek voornamelijk te stoelen op de volgende twee uitgangspunten:

  • Een student moet zonder achterstand in studie of stage in periode in het buitenland kunnen werken en studeren
  • Een student moet zonder de RA-kwalificatie te verliezen vóór het afronden van de studie kunnen switchen naar het bedrijfsleven of een andere werkomgeving

Absoluut behartenswaardige aspecten voor de VAS. Al had ik mijn smaak misschien meer urgentie gegeven aan de studeerbaarheid van de opleiding, de stuwmeren aan vertragingen rond de twee scriptiemomenten, de bureaucratische praktijkstage of de (oldschool, want in mijn VAS-bestuurstijd al populaire) werk-studie-privebalans gekozen.

Internationalisering van het onderwijs als deelthema voor het symposium blijkt al snel te gaan over het praktische probleem van werken/studeren in het buitenland. Een probleem dat, gedurende het symposium, al opgelost werd verklaard door Leen Paape (Dean Nyenrode) en een vertegenwoordiger van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG). Wat betreft de opleiding dan, niet wat betreft de praktijkstage. Tsja, die stage… Lees verder

Van beeldverklaring naar bewegend-beeld-verklaring

Weg met dat oudbollige gedoe op papier, we gaan nu eens laten zien waar we echt voor staan! Dat moet de directie van SharePeople wel gedacht hebben toen de accountant weer het lijstje aanleverde met de wettelijk verplichte items voor het jaarverslag. En die directieboodschap laten zien is goed gelukt! Over 2008 werd nog een 21 pagina’s tellend jaarverslag opgesteld, wat niet onaardig oogde. Maar eerlijk is eerlijk, het Jaarverslag over 2009 in de vorm van een film is een stuk boeiender. Op Accountancynieuws.nl was te lezen dat de directie “alleen voor de accountant nog een paar zaken op papier heeft moeten zetten, maar ook dat zou volledig op film moeten kunnen volgend jaar”.

Het jaarverslag over 2009 zal SharePeople best wat extra tijd gekost hebben. Het kort en bondig overbrengen van de activiteiten over het afgelopen jaar, de huidige ontwikkelingen en de toekomstvisie van een onderneming is vaak een stuk lastiger dan het op het eerste gezicht lijkt. Toch geeft dit jaarverslag 2009 ongeveer net zo’n beeld van de onderneming als de pdf-versie over 2008. Hoewel je wel snel van begrip moet zijn om de cijfermatige opstellingen in een aantal seconden op je in te laten werken. Het jaarverslag sluit wat meer aan bij de belevingswereld van alle dag in deze 21e eeuw. Die wereld is te omschrijven als beeldcultuur, geen lappen tekst, en we laten geen moment onbenut om onszelf te promoten. ‘Het oog wil ook wat’ is inmiddels vervangen door ‘wat wil het oog niet?’. Daarom zou het best eens kunnen zijn dat voor de grotere en maatschappelijk georiënteerde ondernemingen het jaarverslag in deze vorm op korte termijn de standaard wordt. Lees verder

Heerlijk Helder Transparant

Transparantie. Het is bijna een modewoord geworden. Geen mission statement, strategieformulering of beleidsplan is op te slaan, of de term transparantie wordt erin genoemd. Soms is het bij nietszeggende termen wel eens goed om back to the basics te gaan. Gewoon terug naar het Van Dale – Groot Woordenboek der Nederlandse Taal. Daar staat: Transparantie, het transparant zijn. Oneigenlijk gebruikt: gemakkelijk te doorzien, helder van structuur. Figuurlijk gebruikt: een dieper liggende zin latende doorschijnen. Blijkbaar is een transparante onderneming dus een organisatie die op een heldere wijze communiceert wat haar diepere bedoeling is.

De term transparantie schoot door me heen toen ik het eergisteren bijgewerkte Geschenkenregister 2010 van de Tweede Kamer tegenkwam. Dat register zou moeten bevorderen dat kamerleden open en eerlijk zijn over welke geschenken ze krijgen van de Nederlandse burgers. Ik denk zo maar om vermeende omkoping te voorkomen. Of zou het misschien zijn als publicatie van een zogenaamde graadmeter voor populariteit?

Een paar opvallende zaken van het geschenkenregister op een rij:

  • Het Geschenkenregister 2009 is het laatst bijgewerkt op 17 december 2009. Het Geschenkenregister 2010 toont geen in 2009 ontvangen geschenken. Het is misschien wat naïef, maar zou er echt vanuit zijn gegaan dat kamerleden tijdens het Kerstreces geen geschenken krijgen?
  • Met stip op 1 van geschenkenontvangers staat Kamervoorzitter Gerdi Verbeet. Zij heeft tot en met 20 april zo’n 41 geschenken gekregen. Nu zou dat kunnen zijn omdat zij misschien een aantrekkelijke vrouw is, maar laten we het er maar op houden dat het gewoon vanwege haar functie is. Lees verder

Twinfield Masterclass: een impressie

Ja, ik ben op de Twinfield Masterclass geweest van afgelopen dinsdag. Belangrijkste reden? Twinfield heeft een goed verhaal te vertellen. Ook een goede reden: ik ben de mensen van Twinfield gaan waarderen: bevlogen, commercieel en een goed gevoel bij de accountancybranche. De serie masterclasses van Twinfield staan in het teken van het ‘Vooruitstrevend denken’-programma. Geen onbekend programma voor mij. In deze serie van masterclasses werd nu het thema ‘transparantie’ behandeld. Een thema dat juist voor vooruitstrevende accountants een uiterst relevant thema is. Kortom, genoeg inspiratie voor een blog!

Masterclass Twinfield in inspirerende omgeving MediaPlaza Utrecht

Evenals de vorige locatie (vooruitstrevend jaren ’30 sanatorium in Hilversum, check) is door Twinfield een hippe locatie gezocht en gevonden in het Mediaplaze in Utrecht (de vergaderzalen en bar). Het programma was afwisselend. Keynote-spreker Hans Voorn van Jaap.nl, de uitdager van gevestigde orde van makelaars hield een inspirerende speech over de parallellen tussen de makelaarswereld en de accountanycbranche. Belangrijke items in zijn presentatie: diensten aanbieden in heldere, transparante deeldiensten en efficiency in je proces. En last but not least: praten met klanten! Lees verder

Mopperen? Of transparant communiceren?

De verwachtingskloof compleet?

De verwachtingskloof compleet?

Jaarrekeningen voor kleine ondernemingen afschaffen? Van de Europese Unie mogen lidstaten dat vanaf vorige maand regelen. Ook binnen Nederland gaan daar steeds meer stemmen voor op. Door de banken wordt openlijk verkondigt weinig tot geen waarde te hechten aan de accountantsverklaring. Bij de aanlevering van gegevens in SBR aan de banken wordt een accountantsverklaring niet standaard uitgevraagd.

Deze constateringen raken accountants fors. Een aanzienlijk deel van het werk in de samenstelpraktijk lijkt onder druk te komen staan. Deze ontwikkelingen zijn wat mij betreft een gezonde impuls de toegevoegde waarde van accountants opnieuw onder de loep te nemen.

In een eerder blogpost is de conclusie:

“Als we nu geloven dat de waarde zit een mooi ingebonden rapport van zo’n 35 pagina’s, is nog een lange weg te gaan. De accountant heeft een onmisbare rol in het huidige en toekomstige proces als partij die informatie betrouwbaar maakt, die informatie vertaalt naar stuurinformatie. Nog belangrijker, alle kennis van het kantoor en de ondernemer vertaalt in krachtige adviezen, en gebruikt om een sparring partner te zijn.”

Het aardige is dat ik de laatste tijd een aantal bijeenkomsten heb bijgewoond waarin de ‘noodklok’ werd geluid. Let op: een deel van je werk verdwijnt, wat is je antwoord? De reacties uit de zaal varieerden van heftige ontkenning, het hopen dat het zo’n vaart niet loopt tot wat mopperachtig: ze kunnen niet zonder ons want… Lees verder

Een roepende accountant in de woestijn

Je kent dat wel. Vanuit beroepseigen wijsheid heb je het gevoel dat je de cliënt van goed advies moet voorzien. Ondanks het drukke voorjaar (gekke term eigenlijk voor een periode van januari tot en met april) probeer je hem verder te laten kijken dan alleen de business. Ook het financiële plaatje van vandaag en vooral morgen moet goed zijn. Aan het einde van een bespreking moet je constateren dat je cliënt nog steeds erg goed is in zijn business. En dat al jouw risicoscenario’s terzijde zijn geschoven. Waarom zou je zo moeilijk doen over dingen die misschien ooit komen, maar dan toch niet erg zijn omdat de goede ondernemingen in een crisis altijd komen bovendrijven? Je voelt je een roepende in de woestijn…

Vervolgens komt eindelijk die crisis. Die treft natuurlijk de cliënt veel harder dan hij had verwacht. “Nooit gedacht dat we zo’n slechte tijd zouden meemaken. Daar hadden we toch beter over na moeten denken!” En wat denk je (als je je mond nog kan houden) als accountant? “Ik heb het toch gezegd? Maar jullie wilden niet luisteren!” Lees verder

Integratie van IT in de audit-aanpak voor het MKB

Niet nieuw is de toenemende automatiseringsgraad van MKB-bedrijven. In toenemende mate worden de bedrijfsprocessen geautomatiseerd en vaak geintegreerd in veelomvattende ERP-pakketten. Binnen het MKB wordt gebruik gemaakt van webwinkels, die rechtstreeks gekoppeld zijn aan de systemen van een MKB’er.

Geen nieuws dus. Het mag ook geen nieuws zijn dat deze ontwikkelingen ook de controleaanpak van de accountant in het MKB raken. De accountant die in veel gevallen niet of te weinig deze systemen betrok in de controleaanpak. De geschetste ontwikkelingen gaan deze houding vrijwel onmogelijk maken.

Binnen accountantsopleidingen wordt aandacht besteed aan de verschijningsvormen van IT. Ook wordt aandacht besteed aan IT in binnen de interne beheersing en binnen de controleaanpak van de accountant. Daarnaast is er al jarenlang een opleiding tot IT-auditor, die professionals opleidt tot het auditen en certificeren van (onderdelen van) geautomatiseerde omgevingen. Ook niets nieuws dus.

Toch worstelen veel accountantskantoren met de vraag hoe de IT in de auditaanpak te verwerken. Een deel van de accountants onderkent het probleem eenvoudigweg (nog) niet en controleert eenvoudigweg om de computer heen. De IT-auditors, die tenslotte hebben doorgeleerd, zien alle IT-aspecten in de reguliere accountantscontrole vooral als hùn domein. Zij weten er alles van, dat moet je niet aan die accountants overlaten. Zij zien het liefst een integrale rol voor de IT-auditor in de hele controle (met de budgettaire gevolgen van dien). En… de vers afgestudeerde accountants blijken toch niet allemaal zoveel te hebben opgestoken van de IT-componenten. Lees verder

Twitterende accountants, een spetterend idee?

Wat een gek woord eigenlijk: twitteren. Dat is het kwetteren van Engelstalige vogels. In Nederland gebruiken we de uitdrukking wel eens dat het door al het gekakel een kippenhok lijkt. Een aardige Nederlandse variant van twitteren zou daarom best wel ‘kakelen’ kunnen zijn. Echt heel erg positief komt de term niet op me over, meer een beetje inhoudsloos. Is kakelen wel iets voor accountants?

Het medium Twitter is een vluchtig medium. Geschikt om de meest simpele gedachte uit te breiden tot een reusachtige omvang van 140 tekens. Ook geschikt om het meest professionele denkwerk voor degene die het ter harte wil nemen te vereenvoudigen tot een uiterst hapklaar en ogenschijnlijk eenvoudig berichtje. Het grote voordeel blijft toch wel dat het geen verplichtingen schept om een fervent follower van iemand te zijn. Mocht er tussen alle wijze woorden een domme opmerking zitten, reageren is nooit verplicht. Anderzijds is ook waar, dat als er tussen alle nonsens een onmiskenbaar intelligente opmerking waarneembaar is, deze zonder enige schroom ter harte mag worden genomen.

Ondanks de uiterst onpersoonlijke en binaire communicatiewijze van nullen en enen, mag Twitter zich met recht een sociaal medium noemen. Het brengt mensen dichter bij elkaar door de mogelijkheid te bieden om te communiceren, anderen te laten weten wat je denkt en wat je bezighoudt en kennis te delen.

Is dit een medium waar accountants hun voordeel mee kunnen doen? Lees verder

Jaarverslag 2009 Port of Rotterdam: zo kan het ook!

Een mooi voorbeeld hoe een jaarverslag wèl toegankelijk, aantrekkelijk en innovatief kan zijn is het jaarverslag over 2009 van de Port of Rotterdam. Dit jaarverslag wordt alleen uitgebracht op een website, of in een PDF, waarin de gebruiker de gewenste hoofdstukken à la carte kan samenstellen.

Het jaarverslag is gepubliceerd op een aparte website. In het jaarverslag zijn rond 3 thema’s filmpjes opgenomen, waarin een interview wordt gecombineerd met beelden van de verschillende projecten. De kerncijfers zijn te bekijken via cockpits, waarin interactieve grafieken en charts zijn opgenomen. Zelfs de eigenlijke jaarrekening, die door de  inrichtingsvereisten redelijk traditioneel blijft, is behoorlijk toegankelijk vanwege de interactie. Doorklikken naar specificaties, goede navigatie leidt tot het snel doorzoeken naar datgene wat je wil zien. Via het aanvinken van onderdelen kan een ‘custom-made’ jaarverslag naar PDF worden gehaald.

extern geverifieerdHet jaarverslag betreft een verslag in het kader van maatschappelijk verantwoord ondernemen en de jaarrekening in één. De extern accountant, Ernst & Young certificeert beide aspecten in één verklaring. In de verklaring wordt uitgelegd dat de jaarrekening gecontroleerd wordt zodat een redelijke mate van zekerheid ontstaat èn dat het gehele jaarverslag is beoordeeld gericht op een beperkte mate van zekerheid. Dit wordt op iedere pagina zichtbaar gemaakt door de button ‘extern geverifieerd.’

Bij het bekijken van dit jaarverslag bekroop me alleen de vraag: hoe zou de accountant geregeld hebben dat de inhoud van de geverifieerde site niet door derden of Port of Rotterdam zelf wordt gewijzigd? Strenge beveiliging en zelf alleen de toegangscodes tot de site bewaken?

Het jaarverslag 2009 van de Port of Rotterdam is er absoluut één in de categorie: zo kan het ook! Misschien dat dit een trend zichtbaar maakt dat jaarverslagen de gegevens interactiever en beter bruikbaar maken voor de stakeholders. Shell gaat nog 1 stap verder: die staat het naar excel halen toe van delen van het jaarverslag. Nog even en we downloaden de gegevens in XBRL naar eigen data-analysetools?

Personal finance in control met Yunoo.nl

Hoe goed heeft de Nederlander zijn persoonlijke financien op orde? Heel slecht volgens een recent onderzoeksrapport van het Nibud:

Een kwart van de Nederlanders spaart nooit en nog eens een kwart spaart alleen als er geld overblijft. De helft van de Nederlanders heeft onvoldoende geld achter de hand om tegenvallers te kunnen opvangen. Daarnaast maakt vier van de vijf Nederlanders geen overzicht van de toekomstige uitgaven en houdt een kwart van de Nederlanders nooit bij waar het geld blijft. Nog eens een kwart van de Nederlanders staat iedere maand rood en meer dan een derde heeft een (niet-hypothecaire) lening.

Dit zijn schokkende uitkomsten. Van Jan Modaal tot en met ondernemers, iedereen lijkt te worstelen met het op orde houden van de persoonlijke financiën. Een belangrijke hobbel is dat het niet de leukste klus is zelf alle uitgaven op een rij te zetten. Deze week liep ik zelf tegen een mooie online-oplossing aan: Yunoo.nl. Onderstaand kort mijn ervaringen nadat ik (grondig als ik ben ;-) ) vanaf 1 januari 2009 al mijn mutaties heb ingelezen.

Het importeren van de bankmutaties gaat gemakkelijk. Vanuit internetbankieren (vrijwel alle banken en formaten worden ondersteund) maak je een download aan van de bankmutaties, die je vervolgens upload naar Yunoo. De stappen worden inzichtelijk weergegeven en toegelicht. Een aanzienlijk deel van de transacties wordt automatisch gekoppeld aan de ingerichte categorieën, in mijn geval 65%. De resterende 35% kost de meeste energie. De niet-gecategoriseerde transacties zijn met behulp van een menu of ‘drag-and-drop’ eenvoudig te koppelen. Soortgelijke transacties kunnen gelijk ook worden meegekoppeld. Deze sessie duurde mij voor zo’n 15 maanden bij elkaar een uur. Met het importeren en categoriseren van de bankmutaties is de basis gelegd voor de kracht van Yunoo:

  • Dashboards voor alle mogelijke weergaven
  • Makkelijk terugzoeken tot op transactieniveau
  • Verloop van de rekeningsaldi beoordelen
  • Eigen uitgavenpatroon vergelijken met landelijke gemiddelden (je kunt je doelgroep specifiek aangeven)
  • Inregelen van budgetten, maandelijks beoordelen van je ‘ budgetresultaten’

Lees verder

2010: Volop uitdagingen voor accountants!

2010 wordt opnieuw een jaar van volop uitdagingen voor de accountancy. In deze blog een weergave van de lopende ontwikkelingen en de uitdagingen die dit oplevert voor de accountant die actief is in de samenstelpraktijk. What’s going on?


SBR verandert de procesgang

De laatste tijd staan de verschillende media bol van allerlei ontwikkelingen die de huidige rol van de accountant raken. De bekendste en heel veelgenoemde is de ontwikkeling van XBRL en SBR. Deze ‘digitale taal’ voor allerlei vormen van financiële verslagen is al een oude hype. Vanaf 2005 is de taal en de toepassing in ontwikkeling. In 2009 krijgt de ontwikkeling van SBR een boost doordat de banken een fors statement maken: vanaf 1 april claimen zij klaar voor de ontvangst van financiële verslagen volgens de SBR-bankentaxonomie. SBR betekent concreet een andere output van het bestaande proces.

De opkomst van SBR leidt ook tot ontwikkeling bij softwareleveranciers. De komst van SBR leidt ertoe dat boekhoudpakketten ook SBR-bestanden kunnen genereren. Jaarrekeningsoftware als Caseware moet SBR kunnen importeren en na ‘veredeling’ kunnen exporteren. Voor het verzenden van SBR-bestanden, na een eventuele goedkeuring door de klant, is infrastructuur als een portal nodig deze aan te kunnen bieden bij de uitvragende partijen. Opmerkelijk is de onlangs gepresenteerde visie van Twinfield (online boekhoudpakket) op SBR: niet alleen zal Twinfield SBR-output gaan leveren, de ambitie van Twinfield is ook de beoordeling van de accountant middels checklisten en andere tools te ondersteunen en de definitieve rapportages te delen op een portal met de klant. Met deze visie ambieert Twinfield niet alleen een boekhoudpakket te zijn, maar ook de volgende schakels in het proces te faciliteren.


Deel van het accountantswerk staat ter discussie

Van diverse kanten blijkt dat een deel van de huidige werkzaamheden onder druk komt te staan. Allereerst het stevige statement van de banken geen waarde te hechten aan de samenstelverklaringen. Vandaag heeft het Europees Parlement lidstaten de mogelijkheid geboden de jaarrekeningverplichting voor kleine vennootschappen te schrappen. Daarnaast is al een tijd sprake van het mogelijk verhogen van de grenzen voor controleplicht. Bij de invoering van de nieuwe wet op de rechtspersonen vervallen allerlei verplichte verklaringen zoals de inbrengverklaring. Kortom, allemaal signalen dat een deel van de huidige werkzaamheden verminderen, vervallen of in een andere vorm terugkomen.

Wat is daarop uw antwoord?

De belangrijkste vraag bij de mooie huwelijksceremonie. Een antwoord dat de rest van je leven verandert. Eigenlijk is dat ook zo met de geschetste ontwikkelingen. Die vragen een antwoord dat wel eens het accountantsleven kan veranderen. Lees verder

Open source software: een aantal mooie voorbeelden

Een van de meest opmerkelijke ontwikkelingen die tot stand zijn gebracht door internet, is de opkomst van zogeheten open source software. Software die door heel veel mensen wordt ontwikkeld en (vrijwel) gratis ter beschikking wordt gesteld. Open source software is een mooi voorbeeld van de ‘Google economie’ zoals beschreven in het boek: ‘Wat zou Google doen’ van Jeff Jarvis.


Wat is open source?
Open source software is software waarvan de broncode (de programmeertaal) vrij toegankelijk is voor iedereen. Iedereen kan de broncode downloaden en bewerken. Via platforms op internet, zoals Sourceforge.net, vormen gebruikers van deze software groepen. Binnen deze groepen wordt de software continue verder ontwikkeld en wordt maximaal gebruik gemaakt van de ervaringen en programmeerinspanningen van de gebruikers.
De software wordt gratis ter beschikking gesteld aan gebruikers, soms is registratie op het platform verplicht. Doordat toch vraag is naar ondersteuning en onderhoud van de software, zijn partijen actief die servicecontracten aanbieden op de opensourcesoftware.

Creditrating door accountants?

De afgelopen jaren is van diverse kanten aandacht besteed aan credit rating door accountants. Al vanaf 2008 wordt gesteld dat dit een aantrekkelijke aanvullende dienstverlening door accountants zou kunnen worden. Al eerder waren kritische geluiden te horen. Op 12 februari 2010 een duidelijk signaal van Peter Knuvers RA, verbonden aan de Rabobank (AN2-2010): “weinig nut van credit rating door accountants.” Een impressie van ontstaan van een tendens, de kritiek, de praktische bezwaren en de huidige status.


Wat is creditrating?
Creditrating is een algehele beoordeling van de kredietwaardigheid van een entiteit. Op dit moment zijn een klein aantal toonaangevende creditraters actief, zoals Moody’s en Standard & Poor’s die zich vooral richten op het beoordelen van kredietwaardigheid van grote ondernemingen. Sinds de invoering van Basel II in 2007 is voor banken de individuele inschatting van kredietwaardigheid en verlieskansen direct van belang voor de kosten van het ingezette kapitaal.


Ontstaan van een tendens
Al in 2006 wordt in AccountancyNieuws bericht over de komst van Basel II en de mogelijkheden voor accountants. In dit artikel adviseert Jan Wietsma ls accountant samen met de klant het gesprek aan te gaan met de bank over de huidige rating en de mogelijkheden tot verbetering. In december 2007 adviseert Jan Wietsma in AccountancyNieuws omscholing van accountants en medewerkers tot ‘Rating Advisor.’ Immers, nemen we deze ontwikkeling niet serieus, “zullen nieuwe concurrenten opstaan en de functie van het bestaansrecht van de accountant in het MKB verder uithollen.”
In april 2008 kondigt het SRA de samenwerking aan met URA, een Europees ratingagentschap. Doel van de samenwerking: aanbieden van infrastructuur voor het uitvoeren van ratings door (SRA-)accountants en daarmee beïnvloeden van het risicoprofiel van de klant, zodat deze de laagst mogelijke financieringskosten realiseert. Ook het NIVRA en NOvAA kondigden eind 2007 aan rating services te gaan ontwikkelen.
Al deze initiatieven, zoals mooi samengevat in een artikel in De Accountant in 2008, hebben tot op heden tot weinig zichtbare resultaten geleid. Na de eerste persberichten zie ik, twee jaar verder, geen publicaties met wapenfeiten meer. Enige recente ontwikkeling is de start van een 4-maandse opleiding op Nyenrode tot Credit Rating Advisor (vanaf september 2009).


Kritiek
Vanaf het begin zijn ook kritische geluiden te horen geweest. In april 2008 noemt Marcel Pheiffer in zijn weblog de creditrating door accountants een ‘proefballon die snel zal overdrijven.’ Voornaamste kritiekpunten: in hoeverre is de accountant onafhankelijk bij deze bepaling en in hoeverre is de accountant ook echt deskundig op dit gebied? Bezwaren die gedeeld worden door diverse ondervraagden in een groot artikel in De Accountant van april 2008. In september 2008 wordt in de De Accountant dieper ingegaan op de rol van de accountant als MKB-raters. Naast de kansen en voordelen, zoals geschetst bij het ontstaan van een tendens is ook al kritiek zichtbaar: “Klanten en accountants moeten wel beseffen dat banken andere modellen en verklarende variabelen gebruiken dan accountants in de rating-systemen die zij gebruiken. Ook zullen de gewichten van de variabelen vaak anders zijn.” Dit punt wordt ook herhaald in het interview met Peter Knuvers RA. Banken hebben ieder een eigen ratingsysteem, dat niet openbaar is. Banken zullen zelf op basis van deze ratings, de eigen rekenmodellen en databases met ervaringscijfers tot het prijzen van financieringen komen. De rol van de accountant is in dit proces marginaal. Knuvers stelt: richt je als accountant op de betrouwbaarheid van de gegevens in de SBR-sets.

Absurd verdienmodel van DSB

In het vandaag verschenen bericht in NRC op basis van gelekte documenten van DSB laat een onthutsend beeld zien van het verdienmodel van DSB Bank. Kort de feiten op een rij:

  • Afgelopen 10 jaar 875 miljoen premie-omzet aan allerlei polissen;
  • Provisie op deze polissen: 422 miljoen (48%)!
  • 20% van alle verkochte koopsompolissen heeft een provisie > 85% (vnl. kredietbeschermingsproducten)
  • 8441 klanten met te hoog verstrekte 1e hypotheek
  • Van deze klanten hadden 1309 klanten betalingsachterstanden: 16%
  • 10.989 klanten met te hoog verstrekte 2e hypotheek
  • Van deze klanten hadden 1.069 betalingsachterstand: 10%
  • In veel gevallen sprake van koppelverkoop (te hoge leningen aan te dure polissen)
Intern berekende waarde van claims tussen 69 en 148 miljoen. O ja, ook nog 17 miljoen diversen, waaronder boetes AFM en aandelenleaseclaims.
Bi j het lezen van dit bericht twéé vragen:
  1. Wat is de belangrijkste diepe oorzaak van de ondergang van DSB? De DNB of toch het bestuur? Zie ook mijn eerdere blog.
  2. Welke inschattingen en overwegingen heeft de controlerend accountant gemaakt bij het beoordelen van het verdienmodel en gevolgen voor claims en schikkingen? Bij de jaarrekening 2008 is een goedkeurende verklaring afgegeven, getekend op 29 juni 2009. Op 19 oktober 2009 wordt het faillissement uitgesproken. Uit gelekt document (gedtaeerd op 17 oktober 2009) bleken opeens de schattingen wèl te maken en wezenlijke bedragen te bevatten. Natuurlijk wijsheid achteraf: maar welke lessen kan de beroepsgroep trekken uit deze casus?
Een onthutsend beeld van een onderneming die jarenlang veel geld kon verdienen met een absurd verdienmodel. Een onderneming met een dergelijk verdienmodel hoort geen bestaansrecht te hebben. Vragen die resteren zijn: waarom neemt het bestuur de verantwoordelijkheid niet voor de ondergang en wat deden controlerende partijen als DNB en Ernst & Young?
Ben heel benieuwd naar de lessen uit een nachtmerrie voor veel consumenten en werknemers.
Update: Op accountant.nl een uitstekende analyse van Prof. Marcel Pheijffer over de casus DSB – Ernst & Young